Trans-Atlantisch Verdrag: het verzet groeit

Auteur: 
Charlie Le Paige

Het TTIP (Transatlantic Trade Investment & Partnership) is een vrijhandelsverdrag waar de Europese Unie en de Verenigde Staten momenteel over onderhandelen. De plannen botsen overal op veel verzet. Al twee jaar haalt dit letterwoord regelmatig het nieuws.

Dit strategisch plan wil beide continenten volledig vrije toegang geven tot elkaars markten, alle regels en voorschriften harmoniseren en investeringen beschermen en bevorderen. De facto zou zo wereldwijd de grootste markt ontstaan, met 850 miljoen consumenten aan beide zijden van de Atlantische Oceaan. Bedoeling is elke vorm van anticoncurrentieel gedrag uit te schakelen. Concreet betekent dat deregulering en een opbod op het vlak van sociale normen en inzake gezondheid en milieubescherming. Liberalisering van de openbare diensten. De Amerikaanse en Europese werknemers worden tegen elkaar uitgespeeld wat zal leiden tot nieuwe directe of indirecte vormen van sociale dumping, in het voordeel van de grote ondernemingen. De deskundigen van de Europese Commissie en de patronale lobbygroepen spreken over het afschaffen van “de non-tarifaire belemmeringen”. Meestal slaat dat op elementen van sociale of milieureglementeringen, regels voor het democratisch overleg of op gebied van gezondheid, afgedwongen door vakbonden, milieuorganisaties, verbruikersverenigingen en boeren.

Ook vanuit democratisch oogpunt wordt dit verdrag fel gecontesteerd. Op de eerste plaats door de manier waarop het wordt onderhandeld: in het geheim, achter gesloten deuren, maar wel met rechtstreekse deelname van patronale lobbygroepen. Een voorbeeld. De Europese ambtenaren, verantwoordelijk voor de handel, hadden in de voorbereidende gesprekken 560 ontmoetingen waarvan 520 met lobbyisten uit de zakenwereld. Dat is 92 % van alle voorbereidende gesprekken. Slechts 26 maal (4 %!) vonden gesprekken plaats met democratische organisaties, verbruikersverenigingen of milieuorganisaties.

Verder, en nog fundamenteler, keren de tegenstanders zich tegen twee van de mechanismen die in het verdrag voorzien zijn – niet alleen in dit verdrag maar in alle vrijhandelsakkoorden van hetzelfde type –, en die een enorme macht geven aan de multinationals:

1. De mechanismen voor trans-Atlantische reglementaire samenwerking voorzien garanties voor wederzijdse erkenning van elkaars standaarden en normen. Nieuwe wetten en directieven moeten in de toekomst in de ontwerpfase worden voorgelegd aan een antidemocratische trans-Atlantische instantie, waarin deskundigen zetelen van beide staten naast experts van multinationals. Die laatsten kunnen kolossale sommen vrijmaken voor lobbywerk om aan te tonen waarin bepaalde wetgevingen hun belangen schaden. Ze kunnen de goedkeuring van allerlei regels vertragen of de inhoud ervan wijzigen zelfs nog voor parlementen zich hierover kunnen buigen.

2. De ISDS-mechanismen (Investor-state dispute settlement) betreffen privé arbitragehoven, onafhankelijk van de staten. Hier kunnen investeerders tegen de staten in beroep gaan wanneer zij menen dat beslissingen van die staten hun belangen schaden. Deze mechanismen laten toe dat multinationals miljoenen euro schadevergoeding kunnen claimen (of daarmee dreigen – wat dikwijls al voldoende is) als overheidsbeslissingen volgens hen hun investeringen in de weg staan. Een dergelijk internationaal tribunaal heeft Argentinië bijvoorbeeld veroordeeld tot het betalen van 400 miljoen dollar aan GDF Suez (dat 1,2 miljard eiste) wegens het hernationaliseren van de waterdistributie van Buenos Aires in 2006. Ook op basis van deze mechanismen trok Philip Morris ten strijde tegen antitabakmaatregelen van de Australische overheid.

Hillary Clinton omschreef het TTIP ooit als “een nieuwe economische NAVO”. Fundamenteel streeft het handelsverdrag naar een sterk pact tussen het achteruitboerende Europa en de Verenigde Staten tegenover de groeiende macht van China en de overige BRICS-landen.[1] De normen (en het leadership) van de westerse multinationals moet wereldwijd in stand gehouden worden. Eurocommissaris voor Handel, Cecilia Malström, legde dat op 7 juli 2015 uit: “We hebben vooral een bondgenoot nodig, want we weten dat onze stem, relatief gezien, steeds minder luid klinkt in de wereld.”[2]

Belangrijke vertegenwoordigers van het grootpatronaat, aan beide zijden van de oceaan, verdedigen deze plannen al meer dan twintig jaar. Een grondige analyse verscheen in een eerder nummer van Marxistische Studies.[3] We kijken nu vooral naar de huidige stand van zaken in de discussies en de mobilisatie tegen het TTIP.

Druk van onderuit dwarsboomt plannen van het establishment

In juli 2013 gingen de onderhandelingen tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie over dit trans-Atlantische vrijhandelsakkoord officieel van start. Het Europees Parlement had in mei 2013 met een ruime meerderheid een resolutie in die zin goedgekeurd: in de uitwerking van een dergelijk vrijhandelsakkoord zag deze meerderheid alleen maar positieve dingen.[4] De brede consensus omvat de Europese Volkspartij (conservatieven, christendemocraten), de liberalen en ook de fractie van sociaaldemocraten in het Europarlement (460 voor, 105 tegen). De Europese Commissie en Business Europe gingen ervan uit dat alles vlot zou verlopen. Op 14 juni 2013 keurde de Europese Raad de richtlijnen voor de onderhandelingen goed. Deze richtlijnen worden geclassificeerd als geheim document. Nog in juni 2013 bekrachtigt ook België – Di Rupo regeert – het mandaat voor de onderhandelingen. Intussen nam het verzet tegen het TTIP alleen maar toe. In die mate zelfs dat het vandaag de

Van steden en gemeenten tot op Europees niveau: een steeds bredere mobilisatie

In de lente van 2014 lanceert een Duitse anti-TTIP alliantie (met de naam TTIP Unfairhandelbar) een voorstel voor een Europees Burgerinitiatief (EBI) “Stop TTIP” tegen de handelsverdragen TTIP en CETA[5]. Sinds 2012 kunnen burgers ook hun zeg doen in het wetgevend proces en de Commissie en het Parlement rechtstreeks interpelleren. Ze dienen daarvoor meer dan 1 miljoen handtekeningen te verzamelen in verschillende landen. Al snel steunen meer dan 200 organisatie uit heel Europa het voorstel.

Op 11 september 2014 beslist de Europese Commissie met hoogst twijfelachtige juridische argumenten het EBI “Stop TTIP” te weigeren. Toch gingen de organisatoren door met het inzamelen van handtekeningen en het ondersteunen van acties op Europees niveau. Vandaag heeft dit Europees initiatief al meer dan 3 miljoen handtekeningen en de steun van meer dan 500 organisaties, verspreid over heel Europa. Een historisch hoog getal. Het toont aan hoe breed deze verzetsbeweging aan de basis is: tal van organisaties uit de burgermaatschappij, de vakbonden en heel veel burgers verzetten zich samen tegen dit verdrag.

Meer dan een jaar na het begin van de onderhandelingen, beslist de EU op 9 oktober 2014 onder deze druk om het geheim gehouden onderhandelingsmandaat, publiek te maken. De toenmalige Europese commissaris voor Handel, de Belgische liberaal Karel De Gucht, meende dat gebrek aan transparantie alleen maar de tegenstanders van het verdrag in de kaart kon spelen. Die transparantie komt wel erg laat en ze heeft dan ook nog haar limieten. De basisdocumenten van de onderhandelingen worden slechts druppelsgewijs toegankelijk en een groot deel ervan blijft sowieso buiten bereik van het grote publiek. Zelfs de leden van het Europees Parlement krijgen slechts een beperkt inzagerecht.

Deze basismobilisatie vertaalt zich ook in de publieke consultatie die de Commissie begin 2014 lanceerde over het ISDS-mechanisme. Hiermee reageert de Commissie op de groeiende kritieken op de privileges die investeerders kregen met dit beschermingsmechanisme voor de investeerders. De deelname lag historisch hoog: eind 2014 hadden in totaal 150.000 personen gereageerd (tegen minder dan duizend voor alle voorgaande consultaties). En 97 % van deze mensen sprak zich uit voor het verwerpen van het mechanisme. Een serieuze waarschuwing aan het adres van de Commissie die zich er met een jantje-van-leiden van afmaakte en aankondigde later nieuwe consultaties te houden. Ze zou pas “in de laatste fase van de onderhandelingen de knoop doorhakken over het ISDS”.

Ook op lokaal niveau kwam een brede beweging op gang. Het TTIP zal immers ook belangrijke gevolgen hebben tot en met op plaatselijk niveau. Regels voor openbare aanbestedingen en voor de concurrentie zouden bijvoorbeeld kantines van gemeentescholen kunnen verhinderen te kiezen voor plaatselijke milieuvriendelijke leveranciers. Ook de rol van overheidsdiensten kan in het gedrang komen. Plaatselijke groeperingen komen dus samen in beweging om hun stad of gemeente te laten uitroepen tot TTIP-vrije zone. Ze trachten plaatselijk alle tegenstanders tegen het verdrag (burgers, verenigingsleven, vakbondsafdelingen, politieke militanten) zo breed mogelijk te verenigen. Daarna leggen ze gezamenlijk een motie ter stemming voor in de gemeenteraad, bij de provincie, in het gewestelijk parlement, in de hoofdstad of op een ander plaatselijk overheidsniveau. Deze strategie wil vanuit de basis een brede oppositiestroming creëren. Dat gaat niet alleen om symboliek, het is ook een middel om het debat op gang te brengen en mensen bewust te maken rond de inzet van dit verdrag. En dat werkt. De Europese beweging blijft verder groeien. In Frankrijk zijn er al meer dan 460 TTIP-vrije gemeentes die samen 54 % van de Franse bevolking vertegenwoordigen. In Duitsland en Oostenrijk zijn er verschillende honderden, verder zijn er Noord-Italië en Spanje waar de teller op 48 staat. Nog onlangs, op 2 oktober 2015, riep Barcelona zich uit tot TTIP-vrije stad. Recent verklaarden ook 19 gemeenten in Groot-Brittannië zich TTIP-vrij. Ook in Roemenië is pas een campagne gestart om steden en gemeenten tot TTIP & CETA Free Zone uit te roepen. De beweging breidt zich steeds verder uit. Ook in België. Al in 2013 werd na een oproep van de organisaties van melkproducenten een nationale alliantie opgericht, onder de naam D19-20. Ze is samengesteld uit boeren, vakbondsmilitanten van ACV en ABVV, vertegenwoordigers van het middenveld (Climaxi, Oxfam, Constituante en meer dan 60 verenigingen en organisaties) en burgers. Allemaal verzetten ze zich tegen het Europese besparingsbeleid in het algemeen, maar ook specifiek tegen het TTIP en de vrijhandelsverdragen. En daarnaast ontstonden tal van plaatselijke comités en groepen, in de meeste gevallen ook ondersteund door de burgerbewegingen Hart Boven Hard en Tout Autre Chose, die mobiliseerden om deze moties op initiatief van de burgers in steden en gemeenten in het hele land te doen passeren. In de Brusselse gemeenten Schaarbeek of Sint-Gillis bracht de mobilisatie meer dan 200 personen op de been om hun steun te komen betuigen aan die moties in de gemeenteraad. In april 2015 gebeurde hetzelfde voor het Brussels parlement. Acties die onder meer de Brusselse en Waalse parlementen hebben aangezet tot het goedkeuren van meer kritische moties over het TTIP. België telt vandaag meer dan zestig TTIP-vrije gemeenten, waaronder ook grote steden zoals Luik en Doornik. En de beweging die aanvankelijk vooral aan Franstalige kant veel aanhang kende, groeide ook in Vlaanderen met een eerste mobilisatie en de goedkeuring van de motie voor een TTIP-vrij Borgerhout (Antwerpen). In grote Vlaamse steden zoals Gent en Leuven is het debat aan de gang. In Gent zamelden burgerinitiatieven 3000 handtekeningen in ter ondersteuning van een burgermotie om de stad TTIP-vrij te verklaren. De SP.A-Groen-Open VLD meerderheid verwierp de motie, maar het plaatselijk comité heeft al aangekondigd dat het gewoon verder blijft mobiliseren tegen het TTIP.

En dergelijke mobilisaties deinen verder uit. Behalve tegen het TTIP zijn ze ook gericht tegen het CETA. Dit vrijhandelsakkoord met Canada heeft niet alleen min of meer dezelfde inhoud als het TTIP (inclusief reglementaire samenwerking en ISDS-investeringsmechanismes). Maar bovendien is de onderhandeling met Canada al rond en staat dit akkoord al een stap verder. Het zit nu in de fase van goedkeuring en bekrachtiging door de parlementen van de verschillende Europese staten (en in België ook van de Gewest- en Gemeenschapsparlementen). De Amerikaanse bedrijven kunnen, als een dergelijk akkoord zou worden ondertekend, met hun Canadese filialen onze wetten dan al volop aanvechten. Dat zou een gevaarlijk precedent scheppen voor het TTIP, en in de praktijk al een beetje dat TTIP zelf zijn. Het huidige protest strekt zich ook uit tot het TiSA[6] en het TPP[7], nog twee grote vrijhandelsakkoorden die momenteel op internationaal niveau op de onderhandelingstafels liggen.

Op 18 april 2015 bracht een internationale actiedag tegen de vrijhandelsakkoorden tienduizenden mensen op de been in verschillende steden in Duitsland, maar ook duizenden in Brussel, Madrid of Helsinki. Het weerspiegelt de toenemende anti-TTIP gevoelens in Europa. Het zwaartepunt ligt vandaag in Duitsland omdat de spionageaffaires het wantrouwen van de bevolking tegenover de Verenigde Staten hebben aangewakkerd. Uit een recente opiniepeiling bleek dat 46 % van de Duitse bevolking meent dat het verdrag wellicht geen goede zaak is voor het land, slechts 26 % bekeek het positief.

In België kwam in mei 2015 een nooit vertoond verbond van Belgische middenveldorganisaties tegen TTIP en CETA tot stand. Het verenigde niet alleen vakbondsorganisaties uit het noorden en het zuiden van ons land (CSC-ACV, FGTB-ABVV, CGSLB-ACLVB), maar ook alle mutualiteiten (socialistische, christelijke, neutrale, vrije en liberale alsook het Nationaal Intermutualistisch College - NIC), het CAAMI, organisaties uit de wereld van de ontwikkelingssamenwerking (CNCD-NCOS 11.11.11), milieuorganisaties (Greenpeace, Bond Beter Leef, IEW), de Liga voor Mensenrechten en haar Franstalige partner de Ligue des Droits de l’Homme en Test-Aankoop/Test-Achat. Al die organisaties verwerpen de ondemocratische trans-Atlantische akkoorden die uitgaan van dereglementering; ze verzetten zich tegen de voortzetting van de onderhandelingen over het TTIP en verwerpen het CETA-akkoord, afgesloten met Canada.

De Europese leidende klasse op missie om de TTIP-soldaat te redden

De beweging verdiept zich en breidt zich uit over heel Europa. De voorstanders van het TTIP staan op die manier onder druk. De Belgische werkgeversvertegenwoordigers menen dat de tegenstanders van het verdrag de publieke opinie voor zich aan het winnen zijn. De Commissie lanceerde daarop een grote reclamecampagne om het verdrag te promoten via internet, filmpjes die het TTIP ‘uitleggen’ en een reeks conferenties met Eurocommissaris Malström.[8] Ze maakte ook een speciale Twitteraccount aan die voortdurend

Tot nu toe proberen de commissie en de voorstanders van het TTIP zoveel mogelijk tijd te rekken. Liefst van al zouden ze, net zoals voor het CETA, op het eind van de onderhandelingen met een ontwerptekst willen komen waar iedereen achterstaat en die zoveel mogelijk overeenstemt met hun verwachtingen. Een tekst die dan alleen nog aan de nationale parlementen moet voorgelegd worden, als ‘te nemen of te laten’. Om het probleemloos door deze fase te loodsen, rekenen ze dan nog op de druk van de machtige industriële lobby’s. Vanuit deze logica van voldongen feiten zouden de Europese onderhandelaars hebben verklaard dat ze “omwille van de enorme weg die al is afgelegd, nu geen stap meer terug kunnen zetten door het ISDS uit de onderhandelingsakkoorden te weren”. Maar er is duidelijk wel meer aan de hand dan wat zand in de machine.

Op de kritieken op wat er sociaal en cultureel allemaal op het spel staat of op vlak van gezondheid of milieu, reageren de voorstanders steeds op dezelfde wijze. In hun verklaringen of in gezamenlijke resoluties hebben ze het meestal over ‘bakens’ of ‘rode lijnen’. Die zouden bescherming bieden, weliswaar in zeer algemene termen, voor dergelijke sociale normen, milieunormen of principes inzake gezondheid of tewerkstelling. Die verklaringen (die, ook al zijn ze in een resolutie gegoten, verder officieel geen enkele kracht van wet hebben) zijn meestal voldoende vaag:  zo kunnen ze erin slagen de  critici de mond te snoeren, maar zo nodig ook de instemming verkrijgen van de rechtse pro-TTIP partijen. Hoe dan ook, zo verklaarde Cecilia Malström op 28 juli 2015: “Vanzelfsprekend zullen beide partijen uiteindelijk toegevingen moeten doen.” Zo verscheen in maart 2015 een nieuwe gezamenlijke verklaring van de onderhandelaars van de Verenigde Staten en Europa[9] die de ongerustheid over de openbare diensten tracht weg te nemen. Het verdrag zou regeringen en overheden niet verhinderen verder bepaalde diensten te leveren, zoals waterdistributie, onderwijs, gezondheidszorg of sociale dienstverlening. Maar zelfs in dit soort verklaringen komen de werkelijke intenties duidelijk aan de oppervlakte. De gemeenschappelijke verklaring over de openbare diensten legt meteen ook de nadruk op het “belang van de aanvullende rol die de privésector kan spelen op deze terreinen. De economische activiteiten van de privésector kunnen wellicht zorgen voor een grotere beschikbaarheid en meer diversiteit in de voorgestelde dienstverlening, waar de bevolking van de Verenigde Staten en van de Europese Unie alleen maar van kunnen profiteren. Het komt elke regering toe zelf het gepaste evenwicht te bepalen

Van in het begin richtte een groot deel van de kritieken zich concreet op het ISDS-mechanisme dat geschillen overlaat aan private rechtscolleges. Dat ISDS-mechanisme stond de voorbije maanden ook meermaals centraal in de debatten in het Europees Parlement. Daardoor moest het Europees Parlement in juni 2015 zijn standpunt hierover in een  resolutie verduidelijken.

In mei 2015 werden de Europarlementsleden van de EVP (conservatieven en christendemocraten), liberalen en sociaaldemocraten het in de commissie INTA (commerciële zaken) eens over een resolutie. Globaal gezien zetten ze het licht op groen om de onderhandelingen verder te voeren zoals ze bezig waren, ondanks de brede mobilisatie en groeiende kritieken. Business Europe, de machtige Europese werkgeverslobby, vergistte zich daarin overigens niet toen het nog de dag zelf een perscommuniqué publiceerde: “Wij juichen de algemene steun voor de trans-Atlantische overeenkomst toe. De stemming van vandaag toont dat we een lange weg hebben afgelegd en terug in een positieve dynamiek zitten. We zijn tevreden met erkenning van de beleggersrechten, maar we moeten ervoor zorgen dat er efficiënte instrumenten komen om ze af te dwingen.”[10] Enkel de Eurogroep van Radicaal-Links (fractie GUE/NGL) en de Europese groenen stemden in de commissie tegen deze resolutie. Hoewel de sociaaldemocraten, onder druk van de bevolking, verklaarden meer en meer te twijfelen aan de ISDS-mechanismen, stemden zij toch voor deze pro-TTIP resolutie, inclusief het ISDS-principe zelf. In de pers gaf Marie Arena, Europarlementslid voor de Parti Socialiste, uitleg bij deze socialistische stemming met een drogredenering: “Ik was er voorstander van om deze resolutie weg te halen uit onze commissie om ze in de plenaire vergadering te behandelen. Daar zitten immers veel parlementsleden van de EVP (conservatieven) of van de ADLE (liberalen) die het er niet mee eens zijn de privé de mogelijkheid te geven de beslissingsbevoegdheid van de overheid kapot te maken.”[11] Een eigenaardige gedachtekronkel: voor de dood van de democratie stemmen in de commissie in de hoop die voor een deel weer tot leven te brengen in de plenaire vergadering. Talrijke woordvoerders uit de civiele maatschappij wezen op het feit dat “de commissie Internationale handel van het Europees parlement gevoeliger is voor de belangen van de privé dan voor het algemeen belang”.[12]

Maar uiteindelijk zal de volksmobilisatie het halen. De stemming is gepland op 10 juni 2015 in de plenaire vergadering van het Europees parlement. Door de erg talrijke reacties vreesden de voorstanders dat het ISDS zou verworpen worden en daarmee ook de resolutie. Daarom besliste Martin Schulz, de voorzitter van het parlement en fractieleider van de Europese socialisten, om de discussie en de stemming doodeenvoudig uit te stellen. Een beslissing herroept de stemming van de socialistische, liberale en christendemocratische groepen die twee weken eerder de resolutie goedkeurden in de commissie. Maar Schulz en de voorstanders van het verdrag willen niet het risico lopen dat de stemming verkeerd uitdraait en de protestbeweging hieruit nog meer kracht put. De Duitse socialist en verslaggever van de commissie Handel, Bernd Lange verklaart: “We gaan gebruikmaken van de extra tijd die we nu hebben, om alles in het werk te stellen voor een stabiele meerderheid voor de resolutie van het TTIP.”[13] Een beslissing die Business Europe toejuicht: “Business Europe was bereid om het compromis van 28 mei van de EP-Commissie voor internationale handel te steunen. Maar in het licht van de laatste ontwikkelingen was het  uitstel van de stemming een verantwoordelijk besluit. Wij betreuren dat het Europees Parlement niet in staat was in dit stadium overeenstemming te bereiken over een [14]

De voorstanders van het vrijhandelsverdrag willen nu een nieuw compromis bereiken over het ISDS,. Eentje dat ze kunnen ‘verkopen’ aan de publieke opinie. Zij willen hoe dan ook het TTIP redden. De Europese sociaaldemocraten spelen hierin een zeer belangrijke rol, met boegbeelden zoals Martin Schulz, Bernd Lange en de voorzitter van de fractie Gianni Pitella. Die laatste zegt trouwens op 11 juni: “In dit stadium zijn standpunten voor of tegen het TTIP niet meer dan dogmatische vooroordelen zonder enige grond. We moeten helemaal niet redeneren in termen van pro of contra.”[15]

Na een maand uitstel keurt het Europees parlement de resolutie over het TTIP uiteindelijk goed op 8 juli 2015. Een lange resolutie die een comfortabele meerderheid achter zich krijgt. 436 stemmen voor, 241 stemmen tegen en 42 onthoudingen. Zowel christendemocraten (EVP) als liberalen (ADLE) en een groot deel van de sociaaldemocraten stemmen voor. In de tekst werden een aantal voorzorgsmaatregelen en ‘bakens’ toegevoegd op sociaal vlak en voor gezondheid en milieu. Maar de tekst van de resolutie komt globaal genomen neer op een ondubbelzinnige ondersteuning van het akkoord. In het eerste punt stelt de resolutie concreet dat (het parlement) “van mening is dat de Europese Unie en de Verenigde Staten strategisch bevoorrechte partners zijn; erop wijst dat het trans-Atlantisch partnership voor handel en investeringen het belangrijkste project is, dat recent op de kaart werd gezet in de relaties tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten en dat dit het trans-Atlantisch bondgenootschap in zijn geheel nieuw leven moet kunnen inblazen, verder gaand dan louter commerciële aspecten; benadrukt hoe belangrijk ook politiek gezien de gunstige afloop ervan is.”[16] Op geen enkele manier wordt het akkoord in vraag gesteld of wordt de stopzetting of zelfs maar de opschorting van de onderhandelingen gevraagd. Integendeel, de amendementen – die ingediend werden door de Europese fractie van Radicaal-Links GUE/NGL – die aandrongen op de opschorting en de verwerping van het TTIP werden losjes van tafel geveegd[17], ook door de sociaaldemocraten met onder meer de Belgische socialiste Marie Arena.[18] En de pers en Business Europe laten hierover geen twijfel bestaan. In de pers is sprake van “een resolutie die principieel haar steun verleent aan het akkoord”. Het communiqué van Business Europe van 8 juli 2015 heeft dan weer als titel: “Europees Parlement geeft een sterk signaal om verder te gaan met de TTIP-onderhandelingen.”[19]

Maar om de stemming te redden hebben de voorstanders van het TTIP toch een schikking moeten voorstellen over de ISDS-mechanismen. Nog voor de stemming stelde Eurocommissaris voor Handel Cecilia Malström voor in de resolutie aan te dringen op een hervorming van het ISDS-mechanisme. Dat zou dan een soort internationaal gerechtshof voor investeringen worden. Een compromis bereikt dankzij de inbreng van de Duitse socialist Bernd Lange, rapporteur van de commissie Internationale Handel. Iets wat de leider van de Europese sociaaldemocraten in het parlement de verklaring ontlokte: “ISDS is dood. Het compromis van Bernd Lange zal de Commissie verplichten om ISDS uit te sluiten van de handels-en samenwerkingsovereenkomst en het te vervangen door een publiek, democratisch en transparant mechanisme.”[20] Verklaringen die niet bepaald wisten te overtuigen op alle banken van diezelfde sociaaldemocraten. In de gerestylede versie staat in feite dat ze maar een heel klein beetje mogen raken aan het mechanisme … zodat de essentie toch overeind blijft. Behalve een naamswijziging vraagt de resolutie dat het mechanisme transparant zou zijn, dat klachten behandeld worden door professionele rechters, aangesteld door de overheid, en dat er een beroepsprocedure wordt voorzien. Maar het principe zelf blijft dus intact, van speciale rechtbanken die zich uitsluitend zullen bezighouden met klachten van multinationals tegen staten. Hieraan kunnen we geen andere uitleg geven dan dat men die multinationals steeds meer macht wil geven om steeds zwaarder op de beslissingen te kunnen wegen. Dat is ook de mening van het CNCD: “Zeker, dit zou een vooruitgang betekenen. Maar het regelt niet de grond van het probleem: het blijft een systeem met eenrichtingsverkeer, dat alleen door investeerders tegen de overheid in gang gezet kan worden. Dat houdt in dat diezelfde investeerders geen enkele verplichting hebben, alleen maar rechten. Naast het feit dat dit overduidelijk een probleem stelt wat billijkheid en gerechtigheid betreft, houdt zoiets ook een stimulans in voor de rechters om, met het oog op het behoud van hun toch wel zeer lucratieve gerechtshof, de investeerders te bevoorrechten.”[21] De GUE/NGL, de coalitie van Radicaal-Links in het Europees parlement, tekende al verzet aan tegen dit nieuwe mechanisme “dat [22]

2016, het jaar waarin het TTIP zal worden begraven?

Aanvankelijk was voorzien dat de onderhandelingen officieel zouden worden afgerond eind 2015. Nu laat de commissie weten vrij spel te hebben tot het einde van het presidentieel mandaat van Obama in januari 2017. Maar die verklaringen proberen meer om te overtuigen, dan dat ze een echte realistische planning inhouden. De voorstanders van het TTIP willen doen geloven dat ze de kritieken hebben gehoord en ermee rekening hebben gehouden. Ze willen tegen elke prijs de brand blussen. Ze zijn er zich heel goed van bewust dat als de mobilisatie aanhoudt en nog uitbreidt, ze dit akkoord uiteindelijk overboord zullen moeten gooien. Zoals ze dat eerder moesten doen met het ACTA[23] in 2012 en daarvoor, in 1997, met het AMI.[24] Twee verdragen die ook al poogden de regels te harmoniseren en tot trans-Atlantische handelsakkoorden te komen in het voordeel van de multinationals. Door de brede mobilisatie tegen beide verdragen moesten ze worden opgegeven na

De brede mobilisatie en de druk van onderuit doen vandaag de lijnen verschuiven. De onderhandelaars moeten met deze nieuwe situatie rekening houden en de gesprekken verderzetten in een gespannen klimaat. Ondertussen zou de Commissie het liefst nog in de loop van het komende jaar het CETA willen bekrachtigen, maar ook daartegen groeit het verzet.

“Hoe meer de mensen weten waarover deze akkoorden gaan, hoe meer ze ertegen zijn”, stellen actieve opposanten zo’n beetje overal op het continent. Steeds meer mensen verwerpen de uitgangspunten zelf van het akkoord. Een dergelijk breed en complex akkoord is erg bijzonder: het omvat zoveel en de bepalingen ervan zijn rechtstreeks van invloed op een groot aantal maatschappelijke sectoren. De tegenstanders zijn erin geslaagd om precies die moeilijkheid tot hun kracht te maken: een breed bondgenootschap tussen enerzijds syndicale organisaties en organisaties die de belangen verdedigen van zelfstandigen en KMO’s en anderzijds het brede middenveld van sociaal-culturele en artistieke verenigingen, jongerenorganisaties, landbouworganisaties en politieke militanten en partijen. Zij zijn vandaag aan zet en dat begint te lonen. Nu moet de discussie worden aangezwengeld in die Europese landen waar dat vandaag nog niet het geval is. Maar de tijd speelt in de kaart van de tegenstanders van deze verdragen. En het is helemaal niet gek zich in te beelden dat 2016 de begrafenis van het TTIP zal zien. Dat zal tonen dat de progressieve beweging wel degelijk overwinningen kan behalen door de strijd aan te gaan, zelfs op de Europese big business, .

Charlie Le Paige (charlielepaige at gmail.com) is socioloog. Als parlementair medewerker van de PVDA-fractie volgt hij de vrijhandelsverdragen op.


[1]     BRICS-landen zijn Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika.

[2]     Cecilia Malström, Europees commisaris voor handel, Opening Remarks at EP Debate on TTIP, Straatsburg, 7 juli 2015. Zie : http://trade.ec.europa.eu/doclib/docs/2015/july/tradoc_153598.pdf.

[3]    Henri Houben, “De grote trans-Atlantische braderie”, Marxistische Studies, nr. 105, 2014, p. 97-103. Zie: http://www.marx.be/nl/content/de-grote-trans-atlantische-braderie.

[4]     Resolution on EU trade and investment negotiations with the United States of America, aangenomen door het Europees Parlement op 23 mei 2013. Document 2013/2558(RSP). Zie: http://www.europarl.europa.eu/sides/getDoc.do?pubRef=-//EP//TEXT+TA+P7-T....

[5]          Comprehensive Economic and Trade Agreement = een vergelijkbaar vrijhandelsakkoord tussen de EU en Canada.

[6]     TiSa = Trade in Services Agreement. Algemene overeenkomst over handel in diensten, in het geheim onderhandeld door 23 landen, lid van de OESO, waaronder de EU, en die de liberalisering en privatisering van de dienstverlening en publieke diensten voorbereidt en het principe van verplichte reglementaire samenwerking voorziet.

[7]     TPP : Trans-Pacific Partnership : een vrijdhandelsverdrag tussen de Verenigde Staten en negen landen  uit Azië en de Stille Zuidzee (Australië, Chili, Nieuw-Zeeland, Vietnam, Maleisië …).

[8]     Directoraat-generaal Handel. Zie website: http://ec.europa.eu/trade/index_en.htm.

[9]     Europese Commissie, Gemeenschappelijke verklaring over overheidsdiensten, Brussel, 20 maart 2015. Zie: http://europa.eu/rapid/press-release_STATEMENT-15-4646_nl.htm.

[10]    Business Europe, TTIP: Business welcomes the positive step taken by EP INTA Committee, 28 mei 2015. Zie :  https://www.businesseurope.eu/sites/buseur/files/media/imported/2015-00409-E.pdf. 

[11]    L’Echo, 29 mei 2015.

[12]    Verklaring van NCOS-CNCD - 11.11.11, Trans-Atlantische handelsakkoorden: Belgische middenveld vraagt een opschorting van de onderhandelingen, 28 mei 2015.

[13]    Persbericht van het Europees Parlement – Internationale Handel, 9 juni 2015. Zie: http://www.europarl.europa.eu/news/fr/news-room/content/20150604IPR62865/html/TTIP-le-rapporteur-M.-Lange-se-r%C3%A9jouit-du-report-du-vote.

[14]    Business Europe, Persbericht, 10 juni 2015. Zie: http://www.businesseurope.eu/content/default.asp?PageID=568&DocID=34146.

[15]    EurActiv.fr, “Le TTIP exacerbe les fractures de la grande coalition au Parlement européen”, 9 juni 2015. Zie: http://www.euractiv.fr/sections/commerce-industrie/le-ttip-exacerbe-les-fractures-de-la-grande-coalition-au-parlement.

[16]    Europees Parlement, Aangenomen teksten, Onderhandelingen over het transatlantisch handels- en investeringspartnerschap (TTIP), 8 juli 2015, Straatsburg. Zie:  http://www.europarl.europa.eu/sides/getDoc.do?pubRef=-//EP//TEXT+TA+P8-TA-2015-0252+0+DOC+XML+V0//NL.

[17]    Zie de amendementen 77 en 78 ingediend door GUE/NGL. Te raadplegen op: http://www.europarl.europa.eu/sides/getDoc.do?pubRef=-//EP//NONSGML+AMD+....

[18]    Voor het stemgedrag, zie : http://www.votewatch.eu.

[19]    Business Europe, Persbericht, European Parliament sends strong signal to move TTIP negotiations forward, 8 juli 2015. Zie: http://www.businesseurope.eu/sites/buseur/files/media/imported/2015-0057....

[20]    Persbericht van de Europese sociaaldemocraten, 2 juli 2015. Zie: http://www.socialistsanddemocrats.eu/newsroom/pittella-sd-signs-death-certificate-isds-ttip-resolution-be-voted-next-week.

[21]    Persbericht CNCD, TTIP: retour sur les enjeux d’un vote mouvementé et les choix des eurodéputés belges, 10 juli 2015. Zie: http://www.cncd.be/TTIP-retour-sur-les-enjeux-d-un.

[22]    Persbericht van GUE/NGL, A system previously called ISDS – MEP Helmut Scholz denounces new EC proposal, 17 september 2015. Zie: http://www.guengl.eu/news/article/a-system-previously-called-isds-mep-helmut-scholz-denounces-changes-in-new.

[23]    Anti-Counterfeiting Trade Agreement (ACTA): Internationaal Multilateraal Verdrag ter versterking van de intellectuele eigendomsrechten (tegen namaak), ten voordele van de multinationals.

[24]    Accord Multilatéral sur l'Investissement (AMI): een soort voorloper van het TTIP, een multilateraal investeringsakkoord over de liberalisering van de wereldhandel, in het geheim onderhandeld tussen 29 landen van de OESO tussen 1995 en 1997.